Nieuw Kwartier
Het Nieuw Kwartier is een buurt aan de zuidkant van de stad Leuven. Ze wordt begrensd door de Naamsestraat, Hendrik Consciencestraat, Parkstraat en Naamsevest. GeschiedenisMiddeleeuwenIn de 14e eeuw bouwde Leuven een tweede ringmuur rond de stad. De omtrek van de ringmuur was ruim gemeten waardoor veel gebieden, zoals het Nieuw Kwartier, nog eeuwenlang land- en tuinbouwgrond bleven. In de middeleeuwen werd naar de locatie verwezen als het Vleminckxveld (in het Frans werd dit Le champs des Flamands en Vicus Flamingorum in het Latijn) als verwijzing naar de Vlaamse wevers die naar Leuven waren uitgeweken. De Parkstraat is een van de oudste wegen van Leuven en werd gebruikt door Godfried met de Baard om naar zijn jachtgebied 'het Park' te rijden. Later kwam er aan het kruispunt van de Parkstraat en het Hendrik Consciencestraat een pachtershoeve, vermoedelijk verbonden aan de Abdij van 't Park. Aan de overkant lag tot in de 19e eeuw de 'Quade (= kleine) Poel', een drinkplaats voor vee, met een 'bornput' (waterput) en een 'hoppecruythofken' (kruidentuintje).[1] 19e en 20e eeuwIn 1830 ontwierp de toenmalige stadsarchitect François-Henri Laenen een eerste plan voor de bebouwing van het gebied tussen de Diestsestraat en de Naamsestraat. Het plan voorzag in een dambordstructuur met de bedoeling de stationsbuurt met de stad te laten aansluiten. De rioollijnen, oppervlakte van de voetpaden en enkele algemene eigenschappen van de gebouwen werden vastgelegd. Het tracé van de Vesaliusstraat, de Parkstraat, de Brabançonnestraat (gedeeltelijk) en de Consciencestraat zijn een uitvoering van o.a. het plan Laenen. De uitvoering van het plan laat echter op zich wachten tot het begin van de 20e eeuw. De bedoeling was een directe verbinding aan te leggen tussen de Naamsepoort en het station van Leuven. Het Weldadigheidsbureau, een onderdeel van het latere Openbaar Centrum voor Maatschappelijk Welzijn, kocht de goedkopere grond voor de bouw van arbeiderswoningen. Het plan Laenen moest worden herzien door stadsarchitecten Frische (1899) en Lens (1928) wegens de geografische kenmerken van de buurt. Er kwamen uiteindelijk minder straten dan in het oorspronkelijke plan en de straten werden hertekend zodat het Nieuw Kwartier een meer gesloten karakter zou krijgen om het buurtgevoel te versterken.[2] De straatnamen in de buurt verwijzen naar personen die een, meestal artistieke, band met Leuven hadden, zoals Hendrik Conscience, Constantin Meunier, Émile Mathieu, Frans Vermeylen, Paul Lebrun, Émile Van Arenbergh, Pierre Joseph Verhaghen, Gérard Vander Linden, Albert Giraud, Eugène Gilbert en Maria Van Bel. De Weldadigheidsstraat is een verwijzing naar het Weldadigheidsbureau. De Familie de Bayostraat verwijst sinds 1906 naar een particulier die gronden voor sociale woningbouw aan de Société anonyme pour la construction des maisons ouvrières had geschonken.[3] Stadsschool nr. 7Op 7 december 1909 gaf het stadsbestuur opdracht tot het bouwen van een gemeentelijke kleuter- en lagere school voor meisjes. De school werd gebouwd van 1910 tot 1911 op een stuk grond aangekocht door de stad gelegen tussen de Weldadigheidsstraat en de Parkstraat. Eugène Frische, de toenmalige stadsarchitect, maakt het ontwerp.
De school opent officieel op 1 oktober 1911. Door de invoering van de leerplicht tot 14 jaar groeit het aantal Leuvense gemeentescholen na 1862 van niets tot 7 scholen, vandaar de naam. In 1920 werden er klassen, een refter, een turnzaal en tuin bijgebouwd. In 1985 wordt het oudste gebouw van school nummer 7 een freinetschool: de Appeltuin. De school verhuist door plaatsgebrek op hun eerdere locatie in Egenhoven. De school telt zo'n 250 leerlingen. De uitbreiding van 1920 wordt een steinerschool: De Zonnewijzer. [4] In 2013 publiceerde de stad Leuven het voorontwerp voor de herinrichting van het Conscienceplein (beter gekend als 't Pleintje in de volksmond). De gebouwen van de school zouden deels gerenoveerd worden tot sociale woningen. [5] Handelszaken
Gesloten
Bekende bewoners
Foto's
Bronnen, noten en/of referenties
|